Hemelbol

Een beeld dat gebruikt wordt om de hemelverschijnselen te beschrijven en de posities van punten aan de hemel vast te leggen. Men denkt zich een bol met een onbepaalde, maar grote (“oneindige”) straal met de waarnemer in het midden. De hemellichamen worden nu niet door hun werkelijke plaats in de ruimte bepaald, maar door hun projectie op deze bol. Men denke zich dus deze objecten alle even ver van de waarnemer verwijderd. De banen van werkelijke en schijnbare bewegingen worden dus ook op de bol geprojecteerd en zijn lijnen op de boloppervlakte.

Zo kunnen we bijvoorbeeld zeggen dat Saturnus zich op een bepaald ogenblik dicht bij de Zon (aan de hemel) bevindt, alhoewel hij in werkelijkheid veel verder van de Zon verwijderd is dan de Aarde, of kunnen we zeggen dat bij een conjunctie Venus zich bijvoorbeeld 2° ten noorden van Jupiter bevindt, enzovoort. Het bolvormige lichaam van de Zon, de Maan of een planeet wordt als een schijf op de hemelbol geprojecteerd.